21 Juli 2015

Wie is de vos?

Het objectieve subject

'Het wemelt van de herten hier, soms zie je vossen. Je vindt de afdrukken van wilde zwijnen en vaak als we hier wandelden vroeg ik me af welke beesten zich verderop in de heuvels verscholen. Ik stelde me die dieren altijd voor als vriendelijk, zoals de pratende wezens uit mijn oude kinderboeken.' Wie is de vos? Geen vriendelijk pratend dier als Vos van Haas van Sylvia Vanden Heede, of de listige Reinaert, of, ertussenin, Roald Dahls Fantastic Mr Fox. Nee, Wytske Versteegs verhaal, waaruit ik hier citeer, heet niet voor niets 'Beesten' (Revisor #9 (2015-1)). Maar welke wildernis vertegenwoordigt het dier bij Versteeg dan? En bij Sarah Hall, en bij D.H. Lawrence? Hoe sterk kan een verhaal worden? Moet dat wilde meteen mysterieus zijn, of seksueel? Is wild niet wild genoeg? Drie ontmoetingen.

16 Juli 2015

Het afgelopen jaar diepten we vooral werk van vorige redacties uit het archief op, deze zomer beginnen we ook met hernieuwde aandacht ons eigen redactiewerk te bekijken. Een van de hoogtepunten was Merijn de Boers ‘De remise’, uit het eerste nummer van 2012. Met een schijnbaar feitelijke toon weet hij de romantische neergang van een oud-diplomaat in een Noord-Afrikaanse stad te schetsen. Ouderdom, patronen, en een tram.

*

De dagen volgen al jaren hetzelfde patroon. Als de muezzin nog voor zonsopgang oproept tot het gebed, slaapt hij door. De stem die dagelijks over de daken schalt, hoort bij de geluiden die hem niet meer uit zijn slaap houden: het krijsen van de meeuwen boven zijn open dak, het stukslaan van de golven op de rotsen onder de stadsmuur. Om zeven uur wordt hij wakker. In de medina is het leven dan al in volle gang. Oude mannen slepen karren achter zich aan, waarin ze lege flessen gooien die de avond ervoor door bewoners buiten de deur zijn gezet. Als ze door zijn steegje lopen, werpen ze zijn flessen in een nog lege kar — want ze beginnen hun route bij zijn huis. De luidruchtige tikken, plastic tegen hout, zijn voldoende om hem uit zijn droom te halen.

14 Juli 2015

Skeledžija | Kroatië

Bekende vreemden

Voor Revisor.nl spreekt Richard de Nooy in een nieuwe reeks korte verhalen onbekenden aan. Hij schrijft de verhalen van 'Bekende vreemden'. Bekend, want ze komen ook voor in zijn nieuwe roman (werktitel Vreemdenliefde). Een voorloper was 'Annunaki', verwante verhalen stonden op A Quattro Mani. Na 'Morfine' en 'Rostjni Dan' is dit de derde aflevering.

*

‘Daar heb je Ranko. Te laat. Wat jammer nou.’

Je wordt gewezen op de laatkomer door Jergović, de groenteboer, die altijd even een praatje komt maken op de brug. Geen vervelende man, maar hij houdt wel van leedvermaak, zoals de meeste eilanders, die alles aangrijpen om hun eigen ellende te verlichten. Het is dubbel pret als het leed iemand treft die naar het vasteland is ontsnapt, en driedubbel pret als de ontsnapte daar ook nog succes heeft behaald. En dat heeft Ranko zeker. Hij staat naast zijn zilveren Porsche te balen, dat zie je aan zijn hele houding. De andere eilandbewoners op de brug zien het ook en krijsen als meeuwen bij een gestrande haai.

08 Juli 2015

Ann Decan heeft de zalmhaasjes, ze heeft de truffelolie voor het voorgerecht en de Gramona voor bij het dessert. Voor Christophe heeft ze het volgende deel in zijn Pleiade-reeks, Jeanne krijgt het roségouden kettinkje; voor Edith wordt gelukkig iets bezorgd. Dan mist ze nog enkel haar schoonzoon. Het is koud, ze moet plassen en ze voelt dat de hak van haar pump de verkeerde kant op begint te prikken. Zelfs op het effen plaveisel van de Dansaertstraat is elke stap een dreun van onder. Hij krijgt gewoon een sjaal, besluit ze, en duwt de zware glazen deur van een herenboetiek open. De zwartgelakte paspop in de etalage gaat schuil onder een immens boeket van dieprode bloemen en hulst, piramidevormig geschikt. Het is spijtig dat de oude hoedenzaak is opgedoekt, maar hier lijkt men haar kundig. De verkoopster heeft ook een fatsoenlijke leeftijd.

05 Juli 2015

Pam Emmerik (1964-2015) is overleden. Dat meldt Anne Vegter op Facebook. Emmerik was beeldend kunstenaar en schrijfster. 'Ik heb altijd een zwak gehad voor het werk van Pam Emmerik (ook een goed beeldend kunstenaar). Ik kan me herinneren dat de redactie ingenomen was met haar bijdrage voor De Revisor. Het was "De wereld als ziekenhuis" (nummer 1, 2009),' schreef Allard Schröder vorig jaar nog ons op onze vraag naar het beste uit de afgelopen veertig jaar De Revisor. Dat verhaal hernamen wij.

02 Juli 2015

Dat het in je hoofd pikdonker is valt ’s nachts pas op. Je laveert als vleermuis door het huis; wordt er een kruk verschoven, stoot je je, vloek je, of je hoort dat je vader zich stoot en vloekt. Of was je het nou toch zelf? 
Je voelt een glas langs je knokkels glijden, je hoort het kantelen en breken. Het heeft geen zin een hand uit te steken naar iets dat zojuist versplinterde, toch doe je het. 
‘Mijn vader griste elk glas vlak na de laatste slok van mijn lip om af te wassen.’ Het is niet gelogen, toch had je het niet moeten zeggen. Of had je het juist wel moeten zeggen en zei je het niet?

Archief

Omhoog